Tuinen Versailles
De Tuinen

De eerste tuinen waren ontworpen door Boyceau en
Menours tijdens Lodewijk XIII' s koningsschap.Andre le Notre had
tussen 1661 en 1668 de tuinen van Versailles vorm gegeven. Hij
laat zich daarbij inspireren door Italiaanse voorbeelden, m.n.
door de Vaticaanse tuinen van het Belvedere, vormgegeven door
Bramante. Hij beschikte over veel arbeiders en water en maakte
daar dankbaar gebruik van voor het aanleggen van de vele grootse
waterpartijen.Eveneens breidt hij de tuinen verder uit. Andre
Le Notre werd opgevolgd door vele andere tuinarchitecten, waaronder
Jules Hardouin -Mansart. Deze voert zowel enkele ideeën uit
van zijn beroemde voorganger uit, als wijzigingen aan in diens
al gerealiseerde projecten. De ontwikkeling van de tuin onder
Mansart kenmerken zich door een strenger gebruik van geometrische
vormen en patronen. De bekendste tuinarchitect van Versaille is
echter Le Notre. Zijn ontwerpen werden in geheel Europa nagevolgd.
Desalniettemin zijn de tuinen een product van meerdere generaties
tuinarchitecten. Terwijl de tuinen uit de zeventiende eeuw hun
stempel drukten op soortgelijke projecten in geheel Europa, was
er eind de achttiende eeuw vooral sprake van navolging van de
toen in de mode zijnde engelse tuinen. Deze kenmerken zich door
een natuurlijker uiterlijk.
De symmetrie van het paleis is in de tuin terug te vinden. De
helling waarop Versaille gebouwd is werd omgevormd tot meerdere
terrassen. De terrassen dragen bij aan een geleidelijke overgang
tussen architectuur en natuur. Loodrecht op de vleugels van het
paleis valt een soort van spiegelas waar te nemen. Aan de voorzijde
loopt deze over het midden van het cour de Marble en de daarvoor
liggende pleinen. Deze beheerst zowel het paleis als het park.
Op de foto zie je een deel van deze as die gemarkeerd wordt door
o.a. de Latona fontein op de voorgrond , het Appollo bassin, en
het grand Canal. Op het Grand Canal werden bootfeesten gehouden.
Hiervoor was een schip aanwezig en er waren ook gondels.
De tuinen vormden een passende achtergrond voor het openbare
optreden van de koning. Er vonden o.a. grootse feesten en theatervoorstellingen
plaats. In de tuin staan vele beelden opgesteld. Vele zijn afkomstig
uit de regeringsperiode van Lodewijk XIV. Ze maken deel uit van
de koninklijke propaganda waarin Lodewijk XIV werd gerelateerd
aan Apollo. Vandaar ook zijn bijnaam de zonnekoning. Over een
toekomstige zonnekoning heeft Vergilius al geschreven in zijn
boek 'Bucolica'. Onder zijn bewind zou er een Gouden Tijdperk
aanbreken. Men heeft dit aspect van dit boek uit de oudheid later
wel geinterpreteerd als een profetie op de komst van Christus.
Hierbij komt dat Apollo de aanvoerder was van de muzen. Zij bevorderen
de wetenschap en de kunsten. Dit alles verklaart waarom de mythe
van de zonnekoning zo geschikt werd gevonden voor Lodewijk XIV
. Le Notre is een van diegene die verantwoordelijk is voor het
weergeven van dergelijke ideeën in het paleispark Le Notre
weet een originele tuin te creëren die weer een voorbeeld
functie heeft voor vele andere tuinen in Europa, o.a. het Loo.
Apollo op zijn zonnewagen

Jean Baptiste Tuby (1635-1700): Apollo op zijn
zonnewagen, lood, oorspronkelijk verguld
Dit beeld van Apollo bevind zich op de hoofdas van de tuin in
een achthoekig wateroppervlak. We zien Apollo bij aanvang van
zijn dagelijkse tocht over het heelal. Apollo draagt er zorg voor
dat de zonnekar elke dag weer zijn vast route vervolgt. Een Triton
kondigt de dag aan door te blazen op zijn horen. Natuurlijk is
dit beeld van Apollo in de gedaante van de zonnegod een verwijzing
naar Lodewijk XIV. De zonnegod vergeleek zichzelf graag met Apollo.
Balthasar en Caspard Marsy: beeld van de godin Latona.

Balthasar en Gaspard Marsy, Bacchus of herfsfontein,
1672-1675, verguld lood
Latona is latijns voor Leto. Zij is de moeder van Apollo en Diana.
Dit beeld bevindt zich eveneens op de hoofdas voor de beeldengroep
van Apollo en zijn zonnepaarden.De godin is geplaatst boven 4marmeren
bassins.
|